# 6 paniek!

Vorige hoofdstuk # 5

Het was een mooie zonnige dag in Madrid. De oude grootse gebouwen gaven mij het idee dat ik die dag genoeg te zien zou hebben.

Dit reisje was veranderd in een avontuur. Wat was het toch een heerlijke vakantie zo! Het liften met Rens, uitgaan in Barcelona, die dag met de Sjamaan en nu verbleef ik bij een gestreste drugsdealer in het centrum van Madrid.

‘Zou hij drugs met mij willen doen? Zou hij andere plannen hebben met mij?’ Hoe meer ik erover nadacht hoe gevaarlijker de situatie leek. Moest ik daar eigenlijk wel verblijven? Nee, het was niet veilig.

De angst kleurde mijn redenatie ‘Hij was wel erg dominant en intimiderend over gekomen. Hij woonde in een duur huis, dus hij was rijk. Een succesvolle drugsdealer. Dus een serieuze drugsdealer. Iemand die makkelijk mensen naar zijn hand kan draaien.’

Wat is hij van plan met me?’ Dacht ik paniekerig. ‘Hoe ziet een drugsdealer een liftende Nederlandse jonge man? Wil hij mij gebruiken als drugskoerier? ’.

Paniekerig probeerde ik mijzelf te kalmeren: ‘Misschien valt het mee. Misschien moet ik hier even iemand over vragen’ dacht ik.

Nog enigszins gecontroleerd sprak ik een man aan die aan het bedelen was.

In mijn paniek dacht ik chaotisch: ‘oh waarom vraag ik dit aan hem? Dit is vast een junkie! Wat als hij ook aan de drugs is? Of ook drugs verkoopt?!’. Hoe beter ik keek, hoe meer mijn gedachtes leken te kloppen. Deze zwerver kwam over alsof hij ook een dealers kende. ‘Er is hier in Madrid zeker een serieuze maffia! Er is een heel netwerk in de stad van drugsdealers!’

‘Gaat het wel goed met je’ zei deze man beleefd, en achteraf gezien waarschijnlijk bezorgd.

‘Er is niks aan de hand, doei’ zei ik terwijl mijn stem bijna puberaal oversloeg.

Zoals je misschien al doorhebt kun je begrijpen dat deze reeks aan gedachten steeds minder realistisch waren. Paniek nam de overhand en deed alles er uit zien als gevaarlijk. Hoe meer ik in paniek raakte, hoe minder realistisch mijn gedachtes waren. Dit soort onrealistische, wat ingewikkelde gedachtenpatronen noemt men ‘wanen’. Deze eerste waan was een voorteken van een psychose. Op dat moment had ik echter geen idee dat dat er psychisch iets mis aan het gaan was.

De paniek werd steeds heftiger. Het was nergens meer veilig. Mijn gedachten raasden aan mij voorbij ‘wat als ik gevolgd word? Wat als ze me iets aan willen doen?’

Me helderste ingeving was dat ik de politie kon bellen. Ik wilden niet opvallend terwijl ik belde met de politie, en besloot mij te verstoppen.

‘Dit verwachten ze niet’ dacht ik, en klom snel in een boom.

Volgende hoofdstuk #7 Bellen met een detective 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.